|
BOEK
VII
De coöperatieve vennootschap
TITEL I. - Bepalingen gemeenschappelijkaan alle coöperatieve
vennootschappen
HOOFDSTUK I. - Aard en kwalificatie
Art. 350
De coöperatieve vennootschap is een vennootschap die is samengesteld
uit een veranderlijk aantal vennoten met veranderlijke inbrengen.
Art. 351
In afwijking van artikel 1 moet de coöperatieve vennootschap door ten
minste drie personen worden opgericht.
Art. 352
In de statuten moet uitdrukkelijk worden aangegeven of de vennoten van
de coöperatieve vennootschap beperkt of onbeperkt aansprakelijk zijn.
Wanneer de coöperatieve vennootschap kiest voor de onbeperkte
aansprakelijkheid, zijn de vennoten persoonlijk en hoofdelijk
aansprakelijk voor de schulden van de vennootschap en draagt zij de naam
van coöperatieve vennootschap met onbeperkte aansprakelijkheid; wanneer
de coöperatieve vennootschap kiest voor de beperkte aansprakelijkheid,
staan de vennoten slechts in voor de schulden van de vennootschap ten
belope van hun inbrengen en draagt zij de naam van coöperatieve
vennootschap met beperkte aansprakelijkheid.
Art. 353
In de statuten kan geen onderscheid worden gemaakt tussen de vennoten
met betrekking tot hun aansprakelijkheid.
HOOFDSTUK II. – Oprichting
Afdeling I. - Volledige plaatsing van het
kapitaal
Art. 354
De vennootschap mag niet, wat het vaste gedeelte van het kapitaal
betreft, op haar eigen aandelen inschrijven, noch rechtstreeks, noch
door een dochtervennootschap, noch door een persoon die handelt in eigen
naam maar voor rekening van de vennootschap of de dochtervennootschap.
De persoon die in eigen naam maar voor rekening van de vennootschap of
van de dochtervennootschap op aandelen heeft ingeschreven, wordt geacht
voor eigen rekening te hebben gehandeld.
Alle rechten verbonden aan aandelen waarop de vennootschap of haar
dochtervennootschap heeft ingeschreven, blijven geschorst zolang die
aandelen niet zijn vervreemd.
Afdeling II. - Inhoud van de oprichtingsakte
Art. 355
Naast de gegevens opgenomen in het uittreksel bestemd voor bekendmaking,
worden in de oprichtingsakte de volgende gegevens vermeld :
1° de omschrijving van de inbrengen;
2° de voorwaarden van toetreding, uittreding en uitsluiting van
vennoten en de voorwaarden van terugneming van gestorte gelden;
3° de regeling met betrekking tot het aantal en de wijze van benoeming
en ontslag van de personen die belast zijn met het bestuur, de
vertegenwoordiging tegenover derden en het toezicht op de vennootschap,
alsook de omvang van de bevoegdheden en verdeling ervan tussen die
organen, en de duur van hun opdracht;
4° de rechten van de vennoten;
5° de wijze waarop de algemene vergadering wordt bijeengeroepen, de
meerderheid vereist om geldige besluiten te nemen, de wijze waarop wordt
gestemd;
6° hoe de winst wordt verdeeld en het verlies omgeslagen.
In de volmachten moeten de gegevens voorgeschreven door artikel 69, 1°,
2°, 4°, 5° en 11°, en door het 1° van dit artikel worden opgenomen.
HOOFDSTUK III. - Effecten en hun overdracht en
overgang
Afdeling I. – Algemeen
Art. 356
De aandelen in een coöperatieve vennootschap zijn op naam. Zij zijn
voorzien van een volgnummer.
Buiten deze aandelen die inbrengen vertegenwoordigen, kan de coöperatieve
vennootschap geen andere effecten uitgeven, welke maatschappelijke
rechten vertegenwoordigen of recht geven op een deel van de winst.
De uitgifte van obligaties en de daaraan verbonden rechten worden
geregeld door de statuten.
Art. 357
§ 1. In de zetel van de coöperatieve vennootschap wordt een
aandelenregister gehouden, waarvan elke vennoot inzage kan nemen.
§ 2. In het aandelenregister wordt aangetekend :
1° de naam, de voornamen en de woonplaats van elke vennoot;
2° het aantal aandelen dat elke vennoot bezit, alsmede de
inschrijvingen op nieuwe aandelen en de terugbetalingen, met opgave van
de datum;
3° de overgangen en overdrachten van aandelen, met hun datum;
4° de datum van toetreding, uittreding of uitsluiting van elke vennoot;
5° de gedane stortingen;
6° de opgave van de bedragen die voor de uittreding, voor de
gedeeltelijke terugneming van aandelen en voor de terugneming van
stortingen worden aangewend.
§ 3. Het bestuursorgaan wordt belast met de inschrijvingen. De
inschrijvingen geschieden op grond van documenten met bewijskracht, die
gedagtekend en ondertekend zijn. Zij vinden plaats in de volgorde van
hun datum van voorlegging.
Met betrekking tot de inschrijvingen in het aandelenregister van een coöperatieve
vennootschap met onbeperkte aansprakelijkheid, verbindt de in het eerste
lid bedoelde handtekening de ondertekenaar slechts op voorwaarde dat zij
wordt voorafgegaan door de met de hand geschreven vermelding : « Goed
voor onbeperkte en hoofdelijke verbintenis ».
Art. 358
Het bestuursorgaan kan besluiten tot splitsing van het aandelenregister
in twee delen, waarvan het ene zal berusten in de zetel van de
vennootschap en het andere buiten deze zetel, in België of in het
buitenland.
Van elk deel wordt een kopie bewaard op de plaats waar het andere deel
berust; daartoe wordt gebruikgemaakt van fotokopieën.
Deze kopie wordt regelmatig bijgehouden en, indien zulks onmogelijk
blijkt, bijgewerkt zodra de omstandigheden het toelaten.
Houders van aandelen zijn gerechtigd deze naar keuze in één van de
twee delen van het register te laten inschrijven. Zij kunnen kennisnemen
van de twee delen van het register, alsmede van hun kopie.
De plaats waar het tweede deel van het register berust, wordt door het
bestuursorgaan bekendgemaakt in de Bijlagen bij het Belgisch Staatsblad.
Deze plaats kan gewijzigd worden bij een gewoon besluit van het
bestuursorgaan.
Het besluit van het bestuursorgaan om het register van effecten op naam
in twee delen te splitsen, kan slechts gewijzigd worden bij een besluit
van de algemene vergadering, in de vorm voorgeschreven voor de wijziging
van de statuten.
Art. 359
De eigendom van de aandelen wordt bewezen door de inschrijving in het
aandelenregister.
Van die inschrijving worden certificaten afgegeven aan de houders van de
effecten.
Art. 360
Indien een aandeel aan verscheidene eigenaars toebehoort, kan de
vennootschap de uitoefening van de eraan verbonden rechten schorsen
totdat een enkele persoon ten aanzien van de vennootschap als eigenaar
is aangewezen.
Art. 361
De persoonlijke schuldeisers van de vennoot kunnen slechts beslag leggen
op de rente en dividenden die toekomen aan de vennoot en op het aandeel
dat bij de onbinding van de vennootschap aan deze wordt toegekend.
Afdeling II. - Overdracht en overgang van
aandelen
Art. 362
De aandelen kunnen vrij worden overgedragen aan vennoten, in voorkomend
geval onder de voorwaarden bepaald in de statuten.
Art. 363
Evenwel kunnen de aandelen van een coöperatieve vennootschap met
onbeperkte aansprakelijkheid, die inbrengen in natura vertegenwoordigen,
niet eerder overgedragen worden dan tien dagen na overlegging van de
tweede jaarrekening na hun uitgifte. Hun aard, de datum van hun uitgifte
en hun tijdelijke onoverdraagbaarheid worden vermeld op de certificaten
en in het aandelenregister.
Art. 364
Aan derden kunnen de aandelen slechts worden overgedragen onder de
voorwaarden en aan de personen bedoeld in artikel 366.
Art. 365
De overdrachten en de overgangen van aandelen gebeuren ten aanzien van
de vennootschap en van derden eerst vanaf de datum van inschrijving in
het aandelenregister.
HOOFDSTUK IV. - Wijzigingen in het vennotenbestand
en in het kapitaal
Afdeling I. - Wijzigingen in het vennotenbestand
Art. 366
Derden kunnen slechts toetreden indien zij :
1° bij name worden aangewezen in de statuten;
2° behoren tot door de statuten bepaalde categorieën en voldoen aan de
wettelijke of statutaire vereisten om vennoot te zijn; in dit geval
wordt de toestemming daartoe gegeven door de algemene vergadering,
tenzij de statuten die bevoegdheid aan een ander orgaan opdragen.
Art. 367
Tenzij in de statuten anders bepaald, hebben de vennoten het recht uit
te treden of een gedeelte van hun aandelen terug te nemen. Dit recht mag
enkel uitgeoefend worden tijdens de eerste zes maanden van het boekjaar.
Art. 368
De toetreding van vennoten en, uitgezonderd in het geval bedoeld in
artikel 369, tweede lid, hun uittreding gelden eerst vanaf de datum van
inschrijving van de desbetreffende gebeurtenis in het aandelenregister
overeenkomstig artikel 357.
Art. 369
De uittreding wordt ingeschreven in het aandelenregister naast de naam
van de uittredende vennoot door het bestuursorgaan.
Weigert het bestuursorgaan de uittreding vast te stellen, dan wordt de
opzegging ontvangen door de griffier van het vredegerecht van de zetel
van die vennootschap. De griffier maakt daarvan een proces-verbaal op en
geeft er aan de vennootschap kennis van bij aangetekende brief, te
verzenden binnen vierentwintig uur. In voorkomend geval geldt de
uittreding vanaf de dag volgend op het verzenden van het aangetekend
schrijven.
Art. 370
§ 1. Iedere vennoot kan om een gegronde reden of uit een andere in de
statuten vermelde oorzaak worden uitgesloten.
De uitsluiting wordt door de algemene vergadering uitgesproken, tenzij
de statuten die bevoegdheid aan een ander orgaan opdragen.
De vennoot wiens uitsluiting wordt gevraagd, moet worden verzocht zijn
opmerkingen schriftelijk te kennen te geven aan het orgaan dat de
uitsluiting moet uitspreken, binnen één maand nadat een aangetekende
brief met het met redenen omklede voorstel tot uitsluiting is verstuurd.
Indien hij daarom verzoekt in het geschrift dat zijn opmerkingen bevat,
moet de vennoot worden gehoord.
Elk besluit tot uitsluiting wordt met redenen omkleed.
§ 2. Het besluit tot uitsluiting wordt vastgesteld in een
proces-verbaal dat wordt opgemaakt en getekend door het bestuursorgaan.
Dat proces-verbaal vermeldt de feiten waarop de uitsluiting is
gebaseerd. De uitsluiting wordt overgeschreven in het aandelenregister.
Een eensluidend afschrift van het besluit wordt binnen vijftien dagen,
bij een ter post aangetekende brief, aan de uitgesloten vennoot
toegezonden.
§ 3. De statuten kunnen de toepassing van dit artikel niet uitsluiten.
Art. 371
De vennoot die is uitgesloten, uitgetreden of gedeeltelijk zijn aandelen
heeft teruggenomen, blijft gedurende vijf jaar te rekenen van deze
gebeurtenis, behalve wanneer de wet een kortere verjaringstermijn
bepaalt, binnen de grenzen van zijn verbintenis als vennoot, persoonlijk
instaan voor alle verbintenissen door de vennootschap aangegaan vóór
het einde van het jaar waarin zijn uitsluiting, uittreding of
gedeeltelijke terugneming zich heeft voorgedaan.
Art. 372
Aan de vennoten die erom vragen, wordt een afschrift verstrekt van de
inschrijvingen in het aandelenregister die op hen betrekking hebben, op
de wijze in de statuten bepaald. Deze afschriften kunnen niet als bewijs
tegen de vermeldingen in het aandelenregister gebruikt worden.
Art. 373
Het bestuursorgaan van een coöperatieve vennootschap waarvan de
vennoten onbeperkt aansprakelijk zijn, moet om de zes maanden, op de
griffie van de rechtbank van koophandel, een door de ondertekenaars
gedagtekende en echt verklaarde lijst neerleggen, naar alfabetische
volgorde opgemaakt, die de namen, het beroep en de woonplaats van alle
vennoten opgeeft.
Eenieder kan kosteloos inzage nemen van deze lijsten der vennoten en er
een afschrift van krijgen, tegen betaling van de griffiekosten.
Het bestuursorgaan is verantwoordelijk voor elke onjuiste opgave in deze
lijsten.
Afdeling II. - Uitkering van de waarde van de
aandelen
Art. 374
De vennoot die is uitgetreden, uitgesloten of zijn aandelen gedeeltelijk
heeft teruggenomen, heeft recht op uitkering van de waarde van zijn
aandelen, zoals die zal blijken uit de balans van het boekjaar waarin
deze gebeurtenis heeft plaatsgehad.
Art. 375
In geval van overlijden, faillissement, kennelijk onvermogen of
onbekwaamverklaring van een vennoot, hebben zijn erfgenamen,
schuldeisers of vertegenwoordigers recht op uitkering van de waarde van
zijn aandeel overeenkomstig artikel 374.
Art. 376
De uitgetreden of uitgesloten vennoten of, in geval van overlijden,
faillissement, kennelijk onvermogen of onbekwaamverklaring van een
vennoot, zijn erfgenamen, schuldeisers of vertegenwoordigers kunnen de
vereffening van de vennootschap niet vorderen.
Afdeling III. - Wijzigingen in het gestorte
kapitaal
Art. 377
Tenzij anders bepaald in de statuten, in voorkomend geval mits naleving
van het bepaalde in de artikelen 397 en 398 met betrekking tot het
minimumbedrag van het te storten kapitaal, heeft elke vennoot het recht
gestorte gelden terug te nemen indien de algemene vergadering of een
ander daartoe in de statuten gemachtigd orgaan hem daartoe de
toestemming verleent. Deze terugneming ontslaat hem niet van zijn
inbrengverplichting.
HOOFDSTUK V. - Organen en controle
Afdeling I. – Bestuur
Art. 378
Bij stilzwijgen van de statuten, wordt de coöperatieve vennootschap
bestuurd door één bestuurder, al dan niet vennoot, benoemd door de
algemene vergadering.
Art. 379
Binnen acht dagen na de benoeming of de ambtsbeëindiging van de
bestuurders moet een door hen ondertekend uittreksel uit de akte die hun
bevoegdheid of de beëindiging van hun ambt vaststelt, ter griffie van
de rechtbank van koophandel worden neergelegd.
Eenieder kan kosteloos inzage nemen van deze akten en er een afschrift
van krijgen, tegen betaling van de griffiekosten.
Art. 380
De bestuurders zijn ten opzichte van derden en de vennootschap,
overeenkomstig het gemeen recht verantwoordelijk voor de vervulling van
de hun opgedragen taak en aansprakelijk voor de tekortkomingen in hun
bestuur.
Afdeling II. - Algemene vergadering van vennoten
Art. 381
Vijftien dagen voor de algemene vergadering verzendt het bestuursorgaan
aan de vennoten die erom verzoeken, onverwijld en kosteloos een
afschrift van de stukken waarvoor dit wetboek in deze mogelijkheid
voorziet.
Art. 382
Tenzij anders bepaald door de
statuten, zijn alle vennoten stemgerechtigd in de algemene
vergadering en geeft elk aandeel recht op één stem.
Zonder afbreuk te doen aan de bijzondere bepalingen van dit boek
en behoudens andersluidende statutaire bepalingen, worden de
besluiten genomen met de meerderheden en volgens de regels die van
toepassing zijn voor de naamloze vennootschappen.
De vennoten kunnen eenparig en schriftelijk alle besluiten nemen
die tot de bevoegdheid van de algemene vergadering behoren, met
uitzondering van die welke bij authentieke akte moeten worden
verleden.
Art. 383
Tenzij anders bepaald door de statuten, geschiedt de oproeping tot de
algemene vergadering minstens vijftien dagen vóór de algemene
vergadering bij aangetekende brief, ondertekend door de bestuurders.
Art. 384
Tenzij anders bepaald door de statuten, beslist de algemene vergadering
over de bestemming van de winst of het verlies.
Afdeling III. - Controle
Art. 385
In afwijking van artikel 166, kunnen de statuten bepalen dat de
onderzoeks- en controlebevoegdheden van de individuele vennoten worden
overgedragen aan één of meer met de controle belaste vennoten. Deze
controlerende vennoten worden benoemd door de algemene vergadering der
vennoten. Zij mogen in de vennootschap geen andere taak uitoefenen of
enig ander mandaat aanvaarden. Zij kunnen zich laten vertegenwoordigen
door een externe accountant. De vergoeding van de externe accountant
komt ten laste van de vennootschap indien hij met haar instemming werd
benoemd of indien deze vergoeding te haren laste werd gelegd krachtens
een rechterlijke beslissing. In deze gevallen worden de opmerkingen van
de externe accountant meegedeeld aan de vennootschap.
HOOFDSTUK VI. - Duur en ontbinding
Art. 386
Tenzij bij de statuten anders is
bepaald, gelden de volgende regels :
1° de coöperatieve vennootschap is voor onbepaalde duur
aangegaan;
2° is de duur bepaald, dan kan voor verlenging tot een bepaalde
duur of voor onbepaalde tijd besloten worden door de algemene
vergadering volgens de regels die voor de wijziging van de
statuten zijn gesteld;
3° de ontbinding van de coöperatieve vennootschap, aangegaan
voor een bepaalde of onbepaalde duur, kan in rechte gevorderd
worden om wettige redenen. Daarbuiten kan de vennootschap slechts
ontbonden worden door een besluit van de algemene vergadering
volgens de regels die voor de wijziging van de statuten zijn
gesteld. De artikelen 39, 5°, en 43 zijn niet van toepassing op
de ontbinding van de coöperatieve vennootschap.
HOOFDSTUK VII. – Strafbepalingen
Art. 387
Met geldboete van vijftig frank tot tienduizend frank worden gestraft en
met gevangenisstraf van één maand tot een jaar kunnen bovendien worden
gestraft :
1° de commissaris of bestuurder die door enig middel op kosten van de
vennootschap stortingen op de aandelen doen of stortingen als gedaan
erkennen die niet werkelijk gedaan zijn op de voorgeschreven wijze en
tijdstippen;
2° zij die het voorschrift overtreden van artikel 354.
Art. 388
Als schuldig aan oplichting worden beschouwd en met de straffen bepaald
in het Strafwetboek worden gestraft, zij die, hetzij inschrijvingen of
stortingen, hetzij aankopen van aandelen, obligaties of andere effecten
uitlokken :
1° door het voorwenden van inschrijvingen of van stortingen in een
vennootschap;
2° door het bekendmaken van inschrijvingen of stortingen waarvan zij
weten dat ze niet bestaan;
3° door het bekendmaken van namen van personen met de vermelding dat
zij in enige hoedanigheid aan de vennootschap verbonden zijn of zullen
worden, wanneer zij weten dat die vermelding strijdig is met de
waarheid;
4° door het bekendmaken van enig ander gegeven waarvan zij weten dat
het onjuist is.
Art. 389
Met geldboete van vijftig frank tot tienduizend frank worden gestraft :
1° zij die zich wetens aanmelden als eigenaar van effecten welke hun
niet toebehoren, en deelnemen aan de stemming in een algemene
vergadering;
2° zij die de effecten ter beschikking hebben gesteld om er het
hierboven bepaalde gebruik van te laten maken;
3° zij die in een algemene vergadering wetens aan de stemming
deelnemen, hoewel het stemrecht waarop ze aanspraak maken krachtens de
wet geschorst is.
TITEL II. - Bepalingen eigen aan de coöperatieve
vennootschappen met beperkte aansprakelijkheid
HOOFDSTUK I. – Oprichting
Afdeling I. - Het vaste en veranderlijke gedeelte
van het kapitaal
Art. 390
De statuten bepalen het bedrag van het vaste gedeelte van het
maatschappelijk kapitaal.
Dat bedrag mag niet lager zijn dan 750 000 frank (18.550 EURO KB
23/07/2001, inwerkingtreding 01/01/2001).
Art. 391
Voor de oprichting van de vennootschap overhandigen de oprichters aan de
optredende notaris een financieel plan waarin zij het bedrag van het
vaste gedeelte van het kapitaal verantwoorden. Dit stuk wordt niet
openbaar gemaakt met de akte, maar door de notaris bewaard.
Art. 392
Het kapitaal van de vennootschap dat het vaste gedeelte te boven gaat,
kan variëren, zonder dat daarvoor een wijziging van de statuten is
vereist, ten gevolge van de bijneming of terugneming van aandelen door
vennoten, of ten gevolge van de toetreding, uittreding of uitsluiting
van vennoten.
Afdeling II. - Plaatsing van het kapitaal
Onderafdeling I. – Algemeen
Art. 393
Het maatschappelijk kapitaal van de
vennootschap moet volledig en, niettegenstaande enig andersluidend
beding, onvoorwaardelijk geplaatst zijn.
Onderafdeling II. - Inbreng in natura
Art. 394
Inbreng anders dan in geld komt slechts in aanmerking voor vergoeding
met aandelen die het maatschappelijk kapitaal vertegenwoordigen, wanneer
het bestaat uit vermogensbestanddelen die naar economische maatstaven
kunnen worden gewaardeerd, met uitsluiting van verplichtingen tot het
verrichten van werk of diensten. Deze inbreng wordt inbreng in natura
genoemd.
Art. 395
In geval van een inbreng in natura, wordt voor de oprichting van de
vennootschap een bedrijfsrevisor aangewezen door de oprichters.
De revisor maakt een verslag op, inzonderheid over de beschrijving van
elke inbreng in natura en over de toegepaste waarderingsmethoden. Het
verslag moet aangeven of het resultaat van deze waarderingsmethode, ten
minste overeenkomt met het aantal en de nominale waarde van de tegen de
inbreng uit te geven aandelen.
Het verslag vermeldt welke werkelijke vergoeding als tegenprestatie voor
de inbreng wordt verstrekt.
In een bijzonder verslag zetten de oprichters uiteen waarom de inbreng
in natura van belang is voor de vennootschap en eventueel ook waarom
afgeweken wordt van de conclusie van het verslag van de revisor. Dat
verslag wordt samen met het verslag van de revisor neergelegd op de
griffie van de rechtbank van koophandel, overeenkomstig artikel 75.
Onderafdeling III. - Quasi-inbreng
Art. 396
§ 1. Omtrent elk vermogensbestanddeel, toebehorend aan een oprichter,
bestuurder of vennoot, hetwelk de vennootschap overweegt binnen twee
jaar te rekenen van de oprichting, in voorkomend geval met toepassing
van artikel 60, te verkrijgen tegen een vergoeding van ten minste een
tiende van het vaste gedeelte van het maatschappelijk kapitaal, wordt
een verslag opgemaakt door de commissaris, of in de vennootschappen waar
die er niet is, door een bedrijfsrevisor, die wordt aangewezen door het
bestuursorgaan.
Het eerste lid is van toepassing op de overdracht gedaan door een
persoon die handelt in eigen naam, maar voor rekening van een oprichter,
bestuurder of vennoot.
§ 2. Paragraaf 1 is niet van toepassing op verkrijgingen in het gewone
bedrijf van de vennootschap en die plaatshebben tegen de voorwaarden en
tegen de zekerheden die de vennootschap normaal voor soortgelijke
verrichtingen eist, en evenmin op verkrijgingen ter beurze en op
verkrijgingen bij een gerechtelijke verkoop.
§ 3. Het verslag bedoeld in § 1 vermeldt de naam van de eigenaar van
het goed dat de vennootschap voornemens is te verkrijgen, de
beschrijving van dit goed, alsook de vergoeding die werkelijk als
tegenprestatie voor de verkrijging wordt verstrekt en de toegepaste
waarderingsmethode. Het verslag moet aangeven of het resultaat van deze
waarderingsmethode, ten minste gelijk is aan de als tegenprestatie
verstrekte vergoeding.
Bij dit verslag wordt een bijzonder verslag gevoegd, waarin het
bestuursorgaan uiteenzet waarom de overwogen verkrijging van belang is
voor de vennootschap en eventueel ook waarom afgeweken wordt van de
conclusies van het bijgevoegde verslag. Het verslag van de commissaris
of de revisor en het bijzonder verslag van het bestuursorgaan wordt op
de griffie van de rechtbank van koophandel neergelegd overeenkomstig
artikel 75.
Deze verkrijging behoeft vooraf de goedkeuring van de algemene
vergadering. De in het tweede lid genoemde verslagen worden in de agenda
vermeld.
Een afschrift van de verslagen wordt aan de vennoten verzonden
overeenkomstig artikel 381.
Het ontbreken van de verslagen bedoeld in dit artikel heeft de
nietigheid van de beslissing van de algemene vergadering tot gevolg.
Afdeling III. - Storting van het kapitaal
Art. 397
Het vaste gedeelte van het maatschappelijk kapitaal moet vanaf de
oprichting volgestort zijn ten belope van 250 000 frank.
Art. 398
Op elk aandeel dat een inbreng in geld vertegenwoordigt en op elk
aandeel dat geheel of gedeeltelijk een inbreng in natura
vertegenwoordigt, moet één vierde worden volgestort.
Art. 399
In geval van inbreng in geld, te storten bij het verlijden van de akte,
wordt dat geld vóór de oprichting van de vennootschap bij storting of
overschrijving gedeponeerd op een bijzondere rekening, geopend op naam
van de vennootschap in oprichting bij De Post (Postcheque) of bij een in
België gevestigde kredietinstelling die geen gemeentespaarkas is en
waarop de wet van 22 maart 1993 op het statuut van en het toezicht op de
kredietinstellingen van toepassing is. Een bewijs van die deponering
wordt aan de akte gehecht.
De bijzondere rekening wordt uitsluitend ter beschikking gehouden van de
op te richten vennootschap. Over die rekening kan alleen worden beschikt
door personen die bevoegd zijn de vennootschap te verbinden, en pas
nadat de optredende notaris aan de instelling bericht heeft gegeven van
het verlijden van de akte.
Indien de vennootschap niet binnen drie maanden na de opening van de
bijzondere rekening is opgericht, wordt het geld teruggegeven aan de
deposanten die erom verzoeken.
Art. 400
De aandelen die geheel of ten dele overeenstemmen met inbreng in natura
moeten volgestort zijn binnen een termijn van vijf jaar na oprichting
van de vennootschap.
Afdeling IV. – Oprichtingsformaliteiten
Art. 401
Niettegenstaande enig hiermee strijdig beding, worden zij die bij de
oprichtingsakte verschijnen, als oprichters beschouwd.
Art. 402
Naast de gegevens opgenomen krachtens de artikelen 69 en 355, wordt in
de oprichtingsakte vermeld :
1° dat de wettelijke voorwaarden met betrekking tot de plaatsing en de
storting van het kapitaal zijn vervuld;
2° de nadere omschrijving van iedere inbreng in natura, de naam van de
persoon die de inbreng verricht, de naam van de bedrijfsrevisor en de
conclusies van zijn verslag, het aantal en de nominale waarde van de
aandelen die als tegenprestatie voor elke inbreng worden uitgegeven en,
in voorkomend geval, de andere voorwaarden waaronder de inbreng wordt
gedaan.
In de volmachten moeten, naast de gegevens bedoeld in artikel 355,
tweede lid, de in het eerste lid, 2°, voorgeschreven vermeldingen
worden opgenomen.
Afdeling V. – Nietigheid
Art. 403
De nietigheid van een coöperatieve
vennootschap met beperkte aansprakelijkheid kan alleen in de
hiernavolgende gevallen worden uitgesproken :
1° wanneer de oprichting niet heeft plaatsgehad in de vereiste
vorm;
2° wanneer in de oprichtingsakte geen gegevens voorkomen omtrent
de rechtsvorm, de naam, de zetel en het doel van de vennootschap,
de inbreng, het bedrag van het vast gedeelte van het kapitaal en
de identiteit van de vennoten;
3° wanneer het doel van de vennootschap onwettig is of strijdig
met de openbare orde;
4° wanneer het aantal op geldige wijze verbonden oprichters van
de vennootschap minder bedraagt dan drie.
Art. 404
Bepalingen van de oprichtingsakte die betrekking hebben op de verdeling
van de winst of het verlies en die strijdig zijn met artikel 32, worden
voor niet geschreven gehouden.
Afdeling VI. – Aansprakelijkheid
Art. 405
Niettegenstaande elk hiermee
strijdig beding, zijn de oprichters jegens de belanghebbenden
hoofdelijk gehouden :
1° voor geheel het vaste gedeelte van het kapitaal waarvoor niet
op geldige wijze zou zijn ingeschreven, alsmede voor het eventuele
verschil tussen het bedrag bedoeld in artikel 390 en het bedrag
van de inschrijvingen; zij worden van rechtswege als inschrijvers
ervan beschouwd;
2° tot werkelijke volstorting van één vierde op de aandelen en
van het maatschappelijk kapitaal overeenkomstig de artikelen 397
en 398, alsmede voor het gedeelte van het kapitaal waarvoor zij
overeenkomstig 1° als inschrijvers worden beschouwd;
3° tot vergoeding van de schade die het onmiddellijke en
rechtstreekse gevolg is, hetzij van de nietigheid van de
vennootschap uitgesproken op grond van artikel 403, hetzij van het
ontbreken in de oprichtingsakte van de vermeldingen voorgeschreven
bij artikel 352, eerste lid, hetzij van de kennelijke
overwaardering van de inbrengen in natura;
4° tot volstorting van de aandelen waarop is ingeschreven in
strijd met artikel 354;
5° voor de verbintenissen van de vennootschap, naar een
verhouding die de rechter vaststelt, in geval van faillissement
uitgesproken binnen drie jaar na de oprichting, indien het vaste
gedeelte van het maatschappelijk kapitaal bij de oprichting
kennelijk ontoereikend was voor de normale uitoefening van de
voorgenomen bedrijvigheid over ten minste twee jaar; het
financieel plan, voorgeschreven door artikel 391, wordt in dit
geval door de notaris, op verzoek van de rechter-commissaris of
van de procureur des Konings, aan de rechtbank overgelegd.
Art. 406
Niettegenstaande enige andersluidende bepaling zijn de bestuurders
jegens belanghebbenden hoofdelijk aansprakelijk voor de vergoeding van
alle schade die het onmiddellijke en rechtstreekse gevolg is van de
kennelijke overwaardering van de vermogensbestanddelen verkregen onder
de voorwaarden van artikel 396.
HOOFDSTUK II. – Organen
Afdeling I. – Vertegenwoordigingsbevoegdheid
Art. 407
De vennootschap is verbonden door de handelingen van het bestuursorgaan,
zelfs indien die handelingen buiten haar doel vallen, tenzij zij bewijst
dat de derde daarvan op de hoogte was of er, gezien de omstandigheden,
niet onkundig van kon zijn; bekendmaking van de statuten alleen is
echter geen voldoende bewijs.
Afdeling II. – Aansprakelijkheid
Art. 408
De bestuurders zijn overeenkomstig het gemeen recht aansprakelijk voor
de vervulling van de hun opgedragen taak en voor de tekortkomingen in
hun bestuur.
De bestuurders zijn, hetzij jegens de vennootschap, hetzij jegens
derden, hoofdelijk aansprakelijk voor alle schade die het gevolg is van
overtreding van de bepalingen van dit wetboek of van de statuten van de
vennootschap.
Ten aanzien van de overtredingen waaraan zij geen deel hebben gehad,
worden zij van die aansprakelijkheid slechts ontheven indien hun geen
schuld kan worden verweten en zij die overtredingen hebben aangeklaagd
op de eerste algemene vergadering nadat zij er kennis van hebben
gekregen.
Art. 409
Indien bij faillissement van de vennootschap de schulden de baten
overtreffen, kunnen bestuurders of gewezen bestuurders, alsmede
alle andere personen die ten aanzien van de zaken van de
vennootschap werkelijke bestuursbevoegdheid hebben gehad,
persoonlijk en al dan niet hoofdelijk aansprakelijk worden
verklaard voor het geheel of een deel van de schulden van de
vennootschap tot het beloop van het tekort, indien komt vast te
staan dat een door hen begane, kennelijk grove fout heeft
bijgedragen tot het faillissement.
Het eerste lid is evenwel niet van toepassing wanneer
de gefailleerde vennootschap over de drie boekjaren voor het
faillissement een gemiddelde omzet van minder dan 620 000 EUR,
buiten de belasting over de toegevoegde waarde, heeft
verwezenlijkt, en wanneer het totaal van de balans bij het einde
van het laatste boekjaar niet hoger was dan 370 000 EUR.
Zowel de curators als de benadeelde schuldeisers kunnen een
rechtsvordering instellen. De benadeelde schuldeiser die een
rechtsvordering instelt, brengt de curator toegekend door de
rechter beperkt tot het nadeel geleden door de schuldeisers die de
vordering hebben ingesteld. Dat bedrag komt uitsluitend aan hen
toe, ongeacht enige vordering vanwege de curators in het belang
van de boedel van de schuldeisers.
Als kennelijk grove fout wordt beschouwd iedere vorm van ernstige
en georganiseerde fiscale fraude in de zin van artikel 3, § 2,
van de wet van 11 januari 1993 tot voorkoming van het gebruik van
het financiële stelsel voor het witwassen van geld.
Afdeling III. - Algemene vergadering van vennoten
Onderafdeling I. - Informatie van de vennoten
Art. 410
Vijftien dagen voor de algemene vergadering mogen de vennoten ter zetel
van de vennootschap kennisnemen van de volgende stukken :
1° de jaarrekening;
2° in voorkomend geval, de geconsolideerde jaarrekening;
3° de lijst der openbare fondsen, aandelen, obligaties en andere
effecten van vennootschappen die de portefeuille uitmaken;
4° het jaarverslag en het verslag van de commissarissen.
De jaarrekening en de verslagen vermeld in het eerste lid, 4°, worden
verzonden aan de vennoten overeenkomstig artikel 381.
Onderafdeling II. - Verloop van de algemene
vergadering
Art. 411
De algemene vergadering hoort het jaarverslag en het verslag van de
commissarissen en behandelt de jaarrekening.
Na de goedkeuring van de jaarrekening beslist de algemene vergadering
bij afzonderlijke stemming over de aan de bestuurders en commissarissen
te verlenen kwijting. Deze kwijting is alleen dan rechtsgeldig, wanneer
de ware toestand van de vennootschap niet wordt verborgen door enige
weglating of onjuiste opgave in de jaarrekening, en, wat verrichtingen
betreft die strijdig zijn met de statuten of dit wetboek, wanneer deze
bepaaldelijk zijn aangegeven in de oproeping.
Art. 412
De bestuurders geven antwoord op de vragen die hun door de vennoten
worden gesteld met betrekking tot hun verslag of de agendapunten, voor
zover de mededeling van gegevens of feiten niet van die aard is dat zij
ernstig nadeel zou berokkenen aan de vennootschap, de vennoten of het
personeel van de vennootschap.
De commissarissen wonen de algemene vergadering bij wanneer deze te
beraadslagen heeft op grond van een verslag door hen opgemaakt. In dat
geval geven zij antwoord op de vragen die hun door de vennoten worden
gesteld met betrekking tot hun verslag. Zij hebben het recht ter
algemene vergadering het woord te voeren in verband met de vervulling
van hun taak.
Onderafdeling III - Wijziging van het doel
Art. 413
Indien de statutenwijziging betrekking heeft op het doel van de
vennootschap, moet het bestuursorgaan de voorgestelde wijziging
omstandig verantwoorden in een verslag dat in de agenda vermeld wordt.
Bij dat verslag wordt een staat van activa en passiva gevoegd die niet
meer dan drie maanden voordien is vastgesteld. De commissarissen brengen
afzonderlijk verslag uit over die staat.
Een afschrift van deze verslagen wordt aan de vennoten verzonden
overeenkomstig artikel 381. Het ontbreken van deze verslagen heeft de
nietigheid van de beslissing van de algemene vergadering tot gevolg.
De algemene vergadering kan over een wijziging van het doel alleen dan
geldig beraadslagen en besluiten, wanneer de aanwezigen ten minste de
helft van het maatschappelijk kapitaal vertegenwoordigen.
Is de laatste voorwaarde niet vervuld, dan is een tweede bijeenroeping
nodig en de nieuwe vergadering beraadslaagt en besluit op geldige wijze,
ongeacht het door de aanwezige vennoten vertegenwoordigde deel van het
kapitaal.
Een wijziging is alleen dan aangenomen wanneer zij ten minste vier
vijfde van de stemmen heeft gekregen.
Onderafdeling IV. - Uitstel van de algemene
vergadering
Art. 414
Het bestuursorgaan heeft het recht, tijdens de zitting, de beslissing
met betrekking tot de goedkeuring van de jaarrekening drie weken uit te
stellen. Deze verdaging doet geen afbreuk aan de andere genomen
besluiten, behoudens andersluidende beslissing van de algemene
vergadering hieromtrent. De volgende vergadering heeft het recht de
jaarrekening definitief vast te stellen.
Afdeling IV - Vennootschapsvordering en
minderheidsvordering
Onderafdeling I. – Vennootschapsvordering
Art. 415
De algemene vergadering beslist of tegen de bestuurders of de
commissarissen een vennootschapsvordering moet worden ingesteld. Zij kan
één of meer lasthebbers aanstellen voor de uitvoering van die
beslissing.
Onderafdeling II - Minderheidsvordering
Art. 416
§ 1. Een vordering tegen de bestuurders, kan voor rekening van de
vennootschap door minderheidsvennoten worden ingesteld.
Deze minderheidsvordering wordt voor rekening van de vennootschap
ingesteld door één of meer vennoten die, op de dag waarop de algemene
vergadering zich uitspreekt over de aan de bestuurders te verlenen
kwijting, effecten bezitten die ten minste 10 % vertegenwoordigen van de
stemmen verbonden aan het geheel van de op die dag bestaande effecten,
of op diezelfde dag effecten bezitten die een gedeelte van het kapitaal
vertegenwoordigen ter waarde van ten minste vijftig miljoen
frank (1.250.000
EURO KB 23/07/2001, inwerkingtreding 01/01/2001).
De vordering kan slechts worden ingesteld door personen die de kwijting
niet hebben goedgekeurd en door personen die de kwijting wel hebben
goedgekeurd maar waarvan blijkt dat zij ongeldig is.
§ 2. Het feit dat tijdens de procedure een of meer vennoten ophouden de
groep van minderheidsvennoten te vertegenwoordigen, hetzij omdat zij
geen effecten meer bezitten, hetzij omdat zij afzien van de vordering,
heeft geen invloed op de voortzetting van bedoelde procedure noch op het
aanwenden van de rechtsmiddelen.
§ 3. Indien de wettelijke vertegenwoordigers van de vennootschap de
vennootschapsvordering instellen, en door één of meer houders van
effecten tevens een minderheidsvordering wordt ingesteld, worden de
vorderingen wegens hun samenhang samengevoegd.
§ 4. Een dading die wordt aangegaan vóór de vordering is ingesteld,
kan nietig worden verklaard op verzoek van de effectenhouders die
voldoen aan de voorwaarden bepaald in § 1, indien de dading niet in het
voordeel van alle effectenhouders werd aangegaan.
Is de vordering ingesteld, dan kan de vennootschap geen dading meer
aangaan met de verweerders zonder de eenparige instemming van degenen
die eiser blijven van de vordering.
Art. 417
Indien de minderheidsvordering wordt afgewezen, kunnen de eisers
persoonlijk in de kosten worden veroordeeld en, indien daartoe grond
bestaat, tot schadevergoeding jegens de verweerders.
Wordt de vordering toegewezen, dan worden de bedragen die de eisers
hebben voorgeschoten en die niet zijn begrepen in de kosten waartoe de
verweerders zijn veroordeeld, door de vennootschap terugbetaald.
HOOFDSTUK III. – Kapitaal
Afdeling I. – Kapitaalverhoging
Art. 418
Bij een kapitaalverhoging in een coöperatieve vennootschap met beperkte
aansprakelijkheid, moet op elk aandeel dat een inbreng in geld
vertegenwoordigt en op elk aandeel dat geheel of gedeeltelijk een
inbreng in natura vertegenwoordigt, een vierde worden volgestort.
Art. 419
De aandelen die geheel of ten dele overeenstemmen met inbreng in natura
moeten volgestort zijn binnen een termijn van vijf jaar na de beslissing
tot kapitaalverhoging.
Art. 420
In voorkomend geval, bepaalt de akte tot wijziging van de statuten dat
aan de voorwaarden met betrekking tot de volstorting en de plaatsing van
de aandelen is voldaan.
Deze akte wordt neergelegd op de griffie overeenkomstig artikel 75.
Art. 421
§ 1. Het enkele besluit tot verhoging van het vaste gedeelte van het
kapitaal moet worden vastgesteld bij een authentieke akte die op de
griffie moet worden neergelegd overeenkomstig artikel 75.
Indien terzelfder tijd de totstandkoming van de verhoging wordt
vastgesteld, vermeldt de akte tevens de naleving van de wettelijke
vereisten aangaande de inschrijving en de volstorting van het kapitaal.
§ 2. De totstandkoming van de verhoging, indien zij niet gelijktijdig
geschiedt met de beslissing tot verhoging van het vaste gedeelte van het
kapitaal, wordt vastgesteld bij een authentieke akte die op verzoek van
het bestuursorgaan of van één of meer daarvoor speciaal gemachtigde
bestuurders wordt opgesteld op overlegging van de stukken tot staving
van de verrichting. De akte wordt neergelegd overeenkomstig artikel 75.
De akte vermeldt tevens de naleving van de wettelijke vereisten
aangaande de inschrijving en de volstorting van het kapitaal.
Art. 422
In geval van inbreng in geld, te
storten bij het verlijden van de akte ter vaststelling van de
totstandkoming van de verhoging van het vaste gedeelte van het
kapitaal, wordt dat geld bij storting of overschrijving
gedeponeerd op een bijzondere rekening, geopend op naam van de
vennootschap bij De Post (Postchèque) of bij een in België
gevestigde kredietinstelling die geen gemeentespaarkas is en
waarop de wet van 22 maart 1993 op het statuut van en het toezicht
op de kredietinstellingen van toepassing is. Een bewijs van die
deponering wordt aan de akte gehecht.
Indien de verhoging van het vast gedeelte van het kapitaal niet
tot stand is gekomen binnen drie maanden na de opening van de
bijzondere rekening, worden de gelden teruggegeven aan de
deposanten die erom verzoeken.
Indien de inbreng niet kadert in een verhoging van het vaste
gedeelte van het maatschappelijk kapitaal, wordt het geld bij
storting of overschrijving gedeponeerd op een rekening, geopend op
naam van de vennootschap bij De Post (Postchèque) of bij een in
België gevestigde kredietinstelling die geen gemeentespaarkas is
en waarop de wet van 22 maart 1993 op het statuut van en het
toezicht op de kredietinstellingen van toepassing is, op het
ogenblik van de toetreding of bijmenging van aandelen. Een bewijs
van die deponering wordt voorgelegd aan de eerstvolgende algemene
vergadering.
Art. 423
§ 1. In geval van een inbreng in natura, maakt de commissaris of, voor
de vennootschap waar die er niet is, een bedrijfsrevisor aangewezen door
het bestuursorgaan, vooraf een verslag op.
Dat verslag heeft betrekking op de beschrijving van elke inbreng in
natura en de toegepaste waarderingsmethoden. Het verslag moet aangeven
of het resultaat van deze waarderingsmethode ten minste overeenkomt met
het aantal en de nominale waarde van de tegen de inbreng uit te geven
aandelen en, in voorkomend geval, met de uitgiftepremie van de tegen
inbreng uit te geven aandelen. Het verslag vermeldt welke werkelijke
vergoeding als tegenprestatie voor de inbreng wordt verstrekt.
Bij dit verslag wordt een bijzonder verslag gevoegd, waarin het
bestuursorgaan uiteenzet waarom zowel de inbreng van belang is voor de
vennootschap en eventueel ook waarom afgeweken wordt van de conclusies
van het bijgevoegde verslag.
Het verslag van de revisor en het bijzonder verslag van het
bestuursorgaan worden neergelegd op de griffie van de rechtbank van
koophandel overeenkomstig artikel 75. Deze verslagen worden vermeld in
de agenda van de algemene vergadering die over de kapitaalverhoging moet
beslissen. Een afschrift van de verslagen wordt aan de vennoten
verzonden overeenkomstig artikel 381.
§ 2. Indien de inbreng in natura niet kadert in een verhoging van het
vaste gedeelte van het maatschappelijk kapitaal, worden deze verslagen
voorgelegd aan de eerstvolgende algemene vergadering, die zich
uitspreekt over de waarde die aan de inbreng wordt toegekend en over de
vergoeding, bij de meerderheid vereist voor de verhoging van het vaste
gedeelte van het kapitaal, zonder inachtneming van de stemmen verbonden
aan de aandelen die in ruil voor de inbreng worden uitgegeven.
§ 3. Het ontbreken van de verslagen bedoeld in dit artikel heeft de
nietigheid van de beslissing van de algemene vergadering tot gevolg.
Art. 424
Niettegenstaande elk hiermee
strijdig beding, zijn de bestuurders van de vennootschap jegens de
belanghebbenden hoofdelijk gehouden :
1° voor het vaste gedeelte van het kapitaal waarvoor niet op
geldige wijze zou zijn ingeschreven ; zij worden van rechtswege
als inschrijvers ervan beschouwd;
2° tot werkelijke volstorting van een vierde op de aandelen, tot
werkelijke volstorting binnen vijf jaar van de aandelen die geheel
of ten dele overeenstemmen met inbreng in natura, alsmede voor het
gedeelte van het kapitaal waarvoor zij overeenkomstig het 1° als
inschrijvers worden beschouwd;
3° tot vergoeding van de schade die het onmiddellijke en
rechtstreekse gevolg is, hetzij van het ontbreken van de
vermeldingen voorgeschreven bij artikel 69, 1°, hetzij van de
kennelijke overwaardering van de inbrengen in natura.
Afdeling II. - Vermindering van het vaste
gedeelte van het kapitaal
Art. 425
Tot een vermindering van het vaste gedeelte van het maatschappelijk
kapitaal kan slechts worden besloten door de algemene vergadering op de
wijze vereist voor de wijziging van de statuten, waarbij de vennoten die
zich in gelijke omstandigheden bevinden gelijk behandeld worden.
In de oproeping tot de algemene vergadering wordt het doel van de
vermindering en de voor de verwezenlijking ervan te volgen werkwijze,
vermeld.
Art. 426
§ 1. Wanneer de vermindering van het vaste gedeelte van het kapitaal
geschiedt door een terugbetaling aan de vennoten of door gehele of
gedeeltelijke vrijstelling van hun verplichting tot volstorting van hun
inbreng, hebben de schuldeisers wier vordering ontstaan is vóór de
bekendmaking, binnen twee maanden na de bekendmaking van het besluit tot
kapitaalvermindering in de Bijlagen bij het Belgisch Staatsblad, het
recht om, niettegenstaande enige andersluidende bepaling, een zekerheid
te eisen voor de vorderingen die op het tijdstip van die bekendmaking
nog niet zijn vervallen. De vennootschap kan deze vordering afweren door
de schuldvordering te voldoen naar haar waarde, verminderd met het
disconto.
Indien er geen overeenstemming wordt bereikt of indien de schuldeiser
geen voldoening heeft gekregen, wordt het geschil door de meest gerede
partij voorgelegd aan de voorzitter van de rechtbank van koophandel van
het rechtsgebied waarbinnen de vennootschap haar zetel heeft. De
rechtspleging wordt ingeleid en behandeld en de beslissing ten uitvoer
gelegd volgens de vormen van het kort geding.
Zonder afbreuk te doen aan de grond van de zaak, bepaalt de voorzitter
de zekerheid die de vennootschap moet stellen en de termijn waarbinnen
zulks moet geschieden, tenzij hij beslist dat geen zekerheid behoeft te
worden gesteld, gelet op de waarborgen of voorrechten waarover de
schuldeiser beschikt of op de gegoedheid van de vennootschap.
Aan de vennoten mag geen uitkering of terugbetaling worden gedaan en
geen vrijstelling van de storting van het saldo van de inbreng is
mogelijk zolang de schuldeisers, die binnen de hierboven bedoelde
termijn van twee maanden hun rechten hebben doen gelden, geen voldoening
hebben gekregen, tenzij hun aanspraak om zekerheid te verkrijgen bij een
uitvoerbare rechterlijke beslissing is afgewezen.
§ 2. Paragraaf 1 is niet van toepassing op de kapitaalverminderingen
ter aanzuivering van een geleden verlies of om een reserve te vormen tot
dekking van een voorzienbaar verlies.
De reserve die wordt gevormd om een voorzienbaar verlies te dekken, mag
niet hoger zijn dan 10 % van het geplaatste kapitaal na
kapitaalvermindering. Behalve in geval van een latere vermindering van
het kapitaal mag deze reserve niet aan de vennoten worden uitgekeerd; ze
mag slechts worden aangewend voor de aanzuivering van geleden verlies of
tot verhoging van het kapitaal door omzetting van reserves.
In de in deze paragraaf bedoelde gevallen mag het vaste gedeelte van het
kapitaal worden verminderd tot beneden het in artikel 390 vastgestelde
bedrag. Zodanige vermindering heeft eerst gevolg op het ogenblik dat het
vaste gedeelte van het kapitaal verhoogd wordt tot een niveau dat ten
minste even hoog is als het in artikel 390 vastgestelde bedrag.
Afdeling III. - Instandhouding van het kapitaal
Onderafdeling I. - Uitkering van de waarde van
de aandelen
Art. 427
Het recht van de vennoten op uitkering van de waarde van hun aandeel
ontstaat eerst en naarmate deze uitkering niet tot gevolg heeft dat het
netto-actief, zoals bepaald in artikel 429, daalt beneden het vaste
gedeelte van het kapitaal.
Onderafdeling II. - De winstverdeling
Art. 428
Jaarlijks wordt door de algemene vergadering van de nettowinst een
bedrag van ten minste een twintigste afgenomen voor de vorming van een
reservefonds; de verplichting tot deze afneming houdt op wanneer het
reservefonds één tiende van het vaste gedeelte van het maatschappelijk
kapitaal heeft bereikt.
Art. 429
§ 1. Geen uitkering mag geschieden indien op de datum van afsluiting
van het laatste boekjaar het netto-actief, zoals dat blijkt uit de
jaarrekening, is gedaald of ten gevolge van de uitkering zou dalen
beneden het bedrag van het vaste gedeelte van het kapitaal of van het
gestorte kapitaal, wanneer dit minder bedraagt dan het vaste gedeelte
van het kapitaal, vermeerderd met alle reserves die volgens de wet of de
statuten niet mogen worden uitgekeerd.
Onder netto-actief moet worden verstaan : het totaalbedrag van de activa
zoals dat blijkt uit de balans, verminderd met de voorzieningen en
schulden.
Voor de uitkering van dividenden en tantièmes mag het eigen vermogen
niet omvatten :
1° het nog niet afgeschreven bedrag van de kosten van oprichting en
uitbreiding;
2° behoudens in uitzonderingsgevallen, te vermelden en te motiveren in
de toelichting bij de jaarrekening, het nog niet afgeschreven bedrag van
de kosten van onderzoek en ontwikkeling.
§ 2. Elke uitkering die in strijd is met § 1 moet door degenen aan wie
de uitkering is verricht, worden terugbetaald indien de vennootschap
bewijst dat zij wisten dat de uitkering te hunnen gunste in strijd met
de voorschriften was of daarvan, gezien de omstandigheden, niet onkundig
konden zijn.
Onderafdeling III. - De financiering van
aankoop van eigen aandelen door derden
Art. 430
§ 1. Een coöperatieve vennootschap met beperkte aansprakelijkheid mag
geen middelen voorschieten, leningen toestaan of zekerheden stellen met
het oog op de verkrijging van haar aandelen of van haar winstbewijzen
door derden.
§ 2. Paragraaf 1 is niet van toepassing op :
1° verrichtingen in de gewone bedrijfsuitoefening die plaatshebben
onder de voorwaarden en tegen de zekerheden die normaal voor
soortgelijke verrichtingen worden geëist van ondernemingen die vallen
onder de wet van 22 maart 1993 op het statuut van en het toezicht op de
kredietinstellingen;
2° op de voorschotten, leningen en zekerheden toegekend aan de leden
van het personeel van de vennootschap voor de verkrijging van aandelen
van deze vennootschap, of, aan verbonden vennootschappen waarvan ten
minste de helft van de stemrechten in het bezit is van de leden van het
personeel van de vennootschap, voor de verkrijging door deze verbonden
vennootschappen van aandelen van de vennootschap, waaraan ten minste de
helft van de stemrechten verbonden is.
Die verrichtingen mogen echter slechts geschieden wanneer de bedragen
bestemd voor de verrichtingen vervat in § 1, vatbaar zijn voor
uitkering overeenkomstig artikel 429.
Onderafdeling IV. - Verlies van het
maatschappelijk kapitaal
Art. 431
Wanneer ten gevolge van geleden verlies het netto-actief gedaald is tot
minder dan de helft van het vaste gedeelte van het maatschappelijk
kapitaal, moet de algemene vergadering, behoudens strengere bepalingen
in de statuten, bijeenkomen binnen een termijn van ten hoogste twee
maanden nadat het verlies is vastgesteld of krachtens wettelijke of
statutaire bepalingen had moeten worden vastgesteld om, in voorkomend
geval, volgens de regels die voor een statutenwijziging zijn gesteld, te
beraadslagen en te besluiten over de ontbinding van de vennootschap en
eventueel over andere in de agenda aangekondigde maatregelen.
Het bestuursorgaan verantwoordt zijn voorstellen in een bijzonder
verslag dat vijftien dagen voor de algemene vergadering ter beschikking
van de vennoten wordt gesteld op de zetel van de vennootschap. Indien
het bestuursorgaan voorstelt de activiteit voort te zetten, geeft hij in
het verslag een uiteenzetting van de maatregelen die hij overweegt te
nemen tot herstel van de financiële toestand van de vennootschap. Dat
verslag wordt in de agenda vermeld. Aan iedere vennoot wordt een
afschrift ter beschikking gesteld overeenkomstig artikel 381. Er wordt
ook onverwijld een afschrift gezonden aan degenen die voldaan hebben aan
de formaliteiten, door de statuten voorgeschreven om tot de vergadering
te worden toegelaten.
Op dezelfde wijze wordt gehandeld wanneer het netto-actief tengevolge
van geleden verlies gedaald is tot minder dan een vierde van het vaste
gedeelte van het maatschappelijk kapitaal, met dien verstande dat de
ontbinding plaats heeft wanneer zij wordt goedgekeurd door een vierde
gedeelte van de ter vergadering uitgebrachte stemmen.
Is de algemene vergadering niet
overeenkomstig dit artikel bijeengeroepen, dan wordt de door derden
geleden schade, behoudens tegenbewijs, geacht uit het ontbreken van een
bijeenroeping voort te vloeien.
Het ontbreken van het verslag bedoeld in dit artikel heeft de nietigheid
van de beslissing van de algemene vergadering tot gevolg.
Art. 432
Wanneer het netto-actief gedaald is tot beneden het bedrag van 250 000
frank, kan iedere belanghebbende de ontbinding van de vennootschap voor
de rechtbank vorderen. In voorkomend geval kan de rechtbank aan de
vennootschap een termijn toestaan om haar toestand te regulariseren.
HOOFDSTUK IV. – Strafbepalingen
Art. 433
Met geldboete van vijftig frank tot tienduizend frank worden gestraft :
1° de bestuurders die de verkrijgingen niet onderwerpen aan de
goedkeuring van de algemene vergadering overeenkomstig artikel 396;
2° de bestuurders die het bijzonder verslag samen met het verslag van
de commissaris, van de bedrijfsrevisor of, naar gelang van het geval,
van de externe accountant, niet voorleggen zoals voorgeschreven door de
artikelen 395, 396 en 423;
3° de bestuurders die nalaten de vermeldingen te doen welke zijn
voorgeschreven door de artikelen 402, 420 en 421.
Art. 434
Met geldboete van vijftig frank tot tienduizend frank worden gestraft en
met gevangenisstraf van één maand tot een jaar kunnen bovendien worden
gestraft de bestuurders die dividenden of tantièmes uitkeren in strijd
met artikel 429.
TITEL III. - Wijziging van de aansprakelijkheid van
de vennoten van een coöperatieve vennootschap
Art. 435
Niettegenstaande enig hiermee strijdig beding is voor een wijziging van
de statuten met het oog op de omzetting van een coöperatieve
vennootschap met beperkte aansprakelijkheid in een coöperatieve
vennootschap met onbeperkte aansprakelijkheid de eenparige instemming
van alle vennoten vereist.
Zo'n wijziging moet worden vastgesteld bij authentieke akte. In
afwijking van artikel 66, derde lid, is geen authentieke akte vereist
voor latere statutaire wijzigingen van de coöperatieve vennootschap met
onbeperkte aansprakelijkheid.
Art. 436
§ 1. Niettegenstaande enig hiermee strijdig beding, wordt tot een
wijziging van de statuten met het oog op de omzetting van een coöperatieve
vennootschap met onbeperkte aansprakelijkheid in een coöperatieve
vennootschap met beperkte aansprakelijkheid besloten door de algemene
vergadering, met inachtneming van de voorwaarden vereist voor een
wijziging van de statuten.
In afwijking van artikel 66, derde lid, moet zo'n wijziging op straffe
van nietigheid worden vastgesteld bij authentieke akte. Bij elke
daaropvolgende wijziging van de statuten moet, op straffe van
nietigheid, eveneens worden voldaan aan het vormvoorschrift van de
authentieke akte.
§ 2. Alvorens tot de wijziging wordt besloten, wordt een staat van
activa en passiva van de vennootschap opgemaakt, die niet meer dan drie
maanden voordien is vastgesteld en waarin het bedrag van het eigen
vermogen wordt opgegeven. Een door de vennoten aangewezen
bedrijfsrevisor of een externe accountant brengt verslag uit over die
staat en vermeldt inzonderheid of er enige overwaardering van het
netto-actief heeft plaatsgehad.
§ 3. De akte waarbij de oprichting van een coöperatieve vennootschap
met beperkte aansprakelijkheid wordt vastgesteld, vermeldt het bedrag
van het vaste gedeelte van het maatschappelijk kapitaal, bepaald
overeenkomstig artikel 390.
§ 4. De beperkte aansprakelijkheid geldt uitsluitend voor
verbintenissen van de vennootschap aangegaan vanaf het tijdstip waarop
deze wijziging overeenkomstig artikel 76 aan derden kan worden
tegengeworpen.
§ 5. De bestuurders zijn jegens de belanghebbenden hoofdelijk gehouden
:
1° voor het verschil tussen het eigen vermogen zoals dat blijkt uit de
staat en het bedrag van het vaste kapitaal bedoeld in § 3;
2° tot vergoeding van de schade die het onmiddellijke en rechtstreekse
gevolg is van de kennelijke overwaardering van het eigen vermogen zoals
dat blijkt uit voornoemde staat;
3° tot vergoeding van de schade die het onmiddellijk en rechtstreeks
gevolg is van de nietigheid die voortvloeit uit een schending van § 1,
tweede lid.
|